Tine Bergen werd in 1981 geboren in Leuven. Ze heeft altijd graag gelezen en droomde ervan om zelf ook een boek te schrijven. Na haar studies Germaanse talen en antropologie belandde ze terug in Aarschot, waar ze niet alleen veel schrijft en leest, maar ook graag tijd maakt voor alles wat het leven mooier maakt zoals vrienden, poëzie en marsepein.
Aan het begin van wat een lange, saaie zomer lijkt te worden, besluiten hartsvriendinnen Lien en Linn een weddenschap af te sluiten. Gespreid over een week zullen ze elkaar drie opdrachten geven.
1251. Aleid laat zich inmetselen in een kluis bij de kerk. In een tijd van ketters en kruistochten lijkt er niets belangrijker. Aleid slaapt, hoopt en luistert naar de vele mensen die langskomen. Ze eet, huilt en praat tussen haar vier muren. Tegelijkertijd probeert ze eelt op haar ziel te kweken en zichzelf te harden, want er is zo veel om spijt van te hebben en zo weinig dat helpt …
Japan, de luchthaven van Narita. Bram valt bijna uit het vliegtuig, zo blij is hij dat hij er eindelijk is. Ook al komt hij om af te zien. Want is afzien niet de enige manier om iets goed te maken?
Wanneer haar ouders dik tegen Eves zin van hartje stad naar het platteland verhuizen, steekt alles haar tegen. Ze mist haar vrienden, haar eigen kamer, de stad met al zijn drukte
Sofie zit op de trein om haar vriend Matte op te halen, die drie weken met vrienden door Ierland is getrokken. Sofie is bang. Om Matte terug te zien, want ze zijn met ruzie uit elkaar gegaan. Om wat ze Matte moet vertellen, want ze heeft ontdekt dat ze zwanger is ...